Historie


De boerderij met schuren en tuin werd in 1957 gekocht door Arie Kool om er met zijn gezin te gaan wonen en het transportbedrijf te huisvesten. Later werden er nog stukken land bijgekocht, waaronder de huidige tuin. Eerder lag de tuin verder naar de weg. Gaandeweg werd de tuin steeds meer beplant en gebruikt, er is zelfs een tijdje een zwembad geweest! Het was een stuk weiland met sloten aan de zijkanten en aangrenzend aan het weiland een stuk griend/eendenlokplaats, tot aan de Spoorsloot. Om het weiland werden langs de sloten en tussen weiland en griend, hagen gepoot van berberis, kornoelje, meidoorn, sleedoorn, lijsterbes, esdoorn, krentebomen, kardinaalsmuts, hulst, eik, hazelaar.

Grote delen werden groenten- en bloementuin en er werden vruchtbomen gepoot. De hele familie, buren en kennissen konden rekenen op groenten,fruit en bloemen uit de tuin. Arie deed de tuin samen met broer Henk, dochter Ciel en vrouw Annie. Er kwam een kippenhok, dat Arie zelf bouwde van afvalhout en bij zijn pensioen kreeg hij van zijn personeel een onverwarmde kas.

Naarmate de bomen groter en hoger werden, werd de groenten- en bloementuin kleiner, deze is nu nog zo'n 100 m2 groot. Er zijn ook nog altijd stukjes gras om in te spelen of te zitten of een kampvuurtje te bouwen.

Toen Arie te oud en stram werd om alles bij te lopen, ging Elly hem een beetje helpen en zo begon voor haar en Anne de tuinhobby. Soms zelfs kamperen in de caravan die opa had staan. Anne en Elly hebben de paadjes moddervrij gemaakt met houtsnippers, vaste plantenborders aangelegd, en een betegeld terrasje aangelegd. De tuin is er toegankelijker door geworden, vooral bij nat weer. Ook hebben zij het biologisch tuinieren ingevoerd. Opa gebruikte nog wel kunstmest en bestrijdingsmiddelen, maar dat gebeurt nu al vele jaren niet meer. De caravan is vervangen door een blokhut, wat praktischer werkt en meer ruimte biedt. Sinds een paar jaar openen we de tuin ook meer voor bezoekers en doen we mee met opentuindagen en dergelijke.

De griend/eendenlokplaats is nog hetzelfde gebleven en we kiezen ervoor om de natuur daar haar gang te laten gaan. Er staan wilde bramen, brandnetels, (knot)wilgen, zwarte elzen, populieren en het is er drassig en bijna ontoegankelijk. Er huizen veel soorten vogels en er is een keer een bunzing gesignaleerd. Op de grens van tuin en griend loopt een pad overdwars, waar je je in het bos kunt wanen. Er wonen daar zelfs kabouters. Peuters komen daar graag naar zoeken. De oude grafzerken zijn erheen gehaald omdat we het zonde vonden om ze te vernietigen toen het kerkhof werd opgeruimd.

Arie Kool had als motto: 'Alles wat je nodig hebt vind je binnen een straal van 100 meter'. Met andere woorden: wees zuinig en gebruik zoveel mogelijk materiaal opnieuw. Dit idee hebben we in de tuin gehandhaafd.